3.1.1 Aanleg

Erfelijke aanleg voor overgewicht groter in dikmakende omgeving

Overerfbaarheid tot overgewicht bestaat.
Het is al langer bekend dat kinderen van dikke ouders zelf vaak ook te dik worden. Dat is grotendeels genetisch bepaald door de wetenschap en geaccepteerd door de ouders die zelf zwaar zijn. Maar nieuw onderzoek toont nu aan dat die erfelijke aanleg sterker tot uiting komt als een kind opgroeit in een omgeving die overgewicht in de hand werkt. De studie laat zien hoe groot de impact van een gezonde leefomgeving is, ook voor kinderen die dankzij hun genen al een wat grotere kans hebben op overgewicht.

Tweelingen
De conclusie is gebaseerd op een onderzoek onder ruim 1800 Engelse tweelingkinderen die hooguit vier jaar oud waren. Een derde van de groep bestond uit eeneiige tweelingen (deze tweelingkinderen waren dus genetisch identiek aan hun tweelingbroer of -zus). Twee derde van de groep bestond uit twee-eiige tweelingen (tweelingkinderen die genetisch gezien voor 50% hetzelfde zijn). Doorgaans is het natuurlijk zo dat een tweeling dezelfde opvoeding krijgt en in dezelfde omgeving opgroeit. Dat maakt onderzoek onder eeneiige en twee-eiige tweelingen zo waardevol: het stelt onderzoekers in staat om te achterhalen hoe groot de impact van genen en hoe groot de impact van omgeving is. Zo is er sprake van genetische aanleg als de BMI’s binnen eeneiige tweelingparen meer op elkaar lijken dan de BMI’s van twee-eiige tweelingen.

Rol van erfelijkheid
Uit het onderzoek blijkt dat de BMI’s van eeneiige tweelingen met een verhoogd risico op overgewicht in een obesogene omgeving meer op elkaar leken dan bij de twee-eiige tweelingen. In een vrij gezonde leefomgeving bleek er weinig verschil te zijn tussen de BMI’s van een- en twee-eeiige tweelingen. Het wijst erop dat erfelijkheid een grotere rol speelt in een omgeving die overgewicht in de hand werkt. Als een kind in een omgeving leeft zonder verleidingen om veel te eten, maakt het niet zoveel uit of het een erfelijke aanleg heeft. De BMI blijft gezond. Maar in een omgeving met veel verleidingen komt de erfelijkheid eerder en meer tot uiting.”

Afgaand op dit onderzoek kunnen we dan ook concluderen dat kinderen met een erfelijke aanleg voor overgewicht niet automatisch te dik worden. Maar mét de aanleg is er wel meer risico op overgewicht als het meer blootstaat aan verleidingen. Het onderzoek ontkent zeker niet dat het voor kinderen die aanleg hebben voor overgewicht doorgaans meer moeite moeten doen om op gewicht te blijven. Maar ook daarvoor geldt: dat is extra moeilijk in een omgeving die overgewicht in de hand werkt.

Het onderzoek vind je bovenaan deze bladzijde onder het tabblad Materialen.